Alle partijen hebben van onderwijs een prioriteit gemaakt bij deze verkiezingen. De meeste (Open VLD, SP.A, CD&V, Groen!, N-VA en LDD) pleiten nadrukkelijk voor een uitbreiding van het Nederlandstalig onderwijs in de hoofdstad, meer scholen dus.
Terzelfder tijd gaan er stemmen op voor de aanpassing van de voorrangsregels bij inschrijving in het basisonderwijs. CD&V wil de huidige voorrang van 45 procent voor Nederlandstaligen ’sterk verruimen’. N-VA, LDD en Vlaams Belang gaan verder en ijveren voor een absolute voorrang voor Nederlandstaligen.
Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.
Voor Vlaams Belang mag zelfs het hele GOK-decreet verdwijnen, met inbegrip van de voorrang voor kansarmen. En net als CD&V wil deze partij ook voorrang geven aan peuters uit een Nederlandstalige crèche. Groen! vindt dan weer dat kinderen die in de buurt wonen, voorrang moeten krijgen. SP.A ziet het begrip ‘buurt’ iets ruimer: ook kinderen van ouders die in de buurt van de school werken, zouden eerst ingeschreven moeten kunnen worden.
Wat met anderstaligen in het Nederlandstalig onderwijs? Vanaf september 2010 kunnen zesjarigen niet meer worden ingeschreven in het eerste leerjaar als ze niet minstens één jaar in het Nederlands naar de kleuterschool zijn geweest. Open VLD en LDD pleiten nu ook voor een extra taalbad voor anderstalige kleuters die naar het eerste leerjaar gaan. LDD vindt voorts dat anderstalige ouders verplicht moeten worden om Nederlands te leren.
N-VA wil taalvaardigheidstoetsen introduceren. Wie slecht scoort, krijgt bijles, en wie zich onvoldoende inzet voor het Nederlands, wordt doorgestuurd naar het Franstalig onderwijs. Ook SP.A wil taalvaardigheidstesten, niet alleen voor kinderen die aan het eerste leerjaar beginnen, maar ook voor scholieren die van plan zijn aan een hogere studie te beginnen. Wie niet slaagt, zou een extra jaar academisch Nederlands moeten kunnen volgen. De socialisten willen de schoolplicht overigens verlagen naar vier jaar.
Ook de kwestie van meertalig onderwijs is een heet hangijzer. Open VLD en SP.A vinden dat het Nederlandstalig onderwijs moet kunnen experimenteren met immersiescholen. Groen! is niet alleen voorstander van immersieonderwijs, de partij wil, naast onderwijs in het Nederlands en het Frans, nog een derde pijler: tweetalig onderwijs in Brussel. Dat is ook de wens van Pro Bruxsel en PVDA. Pensioen+20% – ja, ook deze partij doet haar zeg over onderwijs – wil iets vergelijkbaars: de Franse gemeenschap heeft er een potje van gemaakt, en daarom moeten de Franstalige scholen spoorslags tweetalig worden en onder de hoede van het Brussels Gewest komen te staan. De Vlaamse gemeenschap mag nog even doorgaan met onderwijs in de hoofdstad, maar ook de Nederlandstalige scholen moeten op den duur tweetalig worden. LDD wijst tweetalig onderwijs dan weer expliciet af. Ook N-VA vindt dat het Nederlands centraal moet blijven staan in de Vlaamse scholen. CD&V is van oordeel dat de band met Vlaanderen zo sterk mogelijk moet blijven en wil meer leerlingen uit de Vlaamse Rand naar Brussel lokken.











Een reactie
Sven De Kerpel:
Ik vind het straf dat alle partijen (ook Franstalige) Onderwijs als belangrijk thema uitspelen terwijl dat een gemeenschapsmaterie is en het nu gewestsverkiezingen zijn.